Terug
6959b80a0508c_prinsenbal-hoogheid-prins-maus-sik-han-5651.jpg
Sport & Vrije tijd

“Carnaval zorgt voor sociale verbondenheid en saamhorigheid”

Het is een drukke tijd voor de 71ste Stadsprins van de Kadolstermennekes Maurice Nevels (52). “Iedere avond en in de weekenden staat er wel iets op het programma,” legt hij uit. “Overdag kan ik gewoon werken, maar voor de rest is het nu carnaval wat de klok slaat”.

En daar geniet hij dan ook van. “Op Prinsjesdag werd ik door Niels Seinen, president van de vereniging, gebeld met de vraag of ik Stadsprins wilde worden. Dat is een uiteraard grote eer en ik heb toen in ieder geval geen ‘nee’ gezegd. Maar je moet toch dingen de revue laten passeren. Het thuisfront moet het er mee eens zijn en ik moest nadenken hoe ik dat met mijn werk kon combineren. Maar ik hoef Rouwhorst gelukkig niet alleen draaiende te houden. Er staat een heel sterk team achter me, dat alles heel goed opvangt.”

Het was voor Maurice direct duidelijk dat Han van Benthem (52) zijn Sik zou worden. “We zijn meer dan veertig jaar bevriend en hebben samen een verleden bij de Blaanke Boeskeulkes. We zijn daar allebei vorst geweest. Het is fijn om dit met een oude vriend mee te maken.” En samen moesten ze dit geheim bewaren tot 4 januari 23.11 uur. Het moment waarop ‘Prins Maus’ uit de doos kwam. “Dat was een onbeschrijfelijk moment. Zo mooi! De ontlading die dan plaats vindt is fantastisch.”

De maanden ervoor waren zo min mogelijk mensen ervan op de hoogte dat Maurice Stadsprins zou worden. “Het was een leuk spel om te spelen en vooral bijzonder om een keer mee te maken. Mijn vrouw Annemarie was natuurlijk op de hoogte. De ochtend van het Prinsenbal hebben we het aan de kinderen verteld. Die zijn 15 en 19, dus zij weten heel goed wat het inhoudt. Het was fantastisch om hun reacties te zien. Ze hadden het echt niet verwacht,” zegt hij lachend.

Maurice geniet van ieder moment. “Nu gaan we in de avonden op bezoek bij alle commissies, hoofdsponsors, zuster- en vriendenverenigingen. Het Twents Prinsengala zit eraan te komen, waar alle hoogheden uit de regio aanwezig zullen zijn. De gala’s vinden binnenkort plaats en het Kapellenfestival. Elke avond is mooi. Het is bijzonder om te zien wat mensen allemaal voor je doen en regelen. Ik kijk heel erg uit naar de dag van de optocht en blijf genieten tot aan het bokverbranden. Als die in de fik gaat, is het voorbij.”

Over de lijfspreuk ‘Carnaval, da’s thoeskommen’ is goed nagedacht. Enerzijds slaat het op Rouwhorst, het onderkomen van het carnavalsfeest. “Hier in de residentie gebeurt veel. En het is natuurlijk een knipoog naar het werk van Han, want hij is makelaar. Maar ‘thoeskommen’ is zoveel meer. Het is een gevoel. In het Twents heeft het een diepere betekenis die verwijst naar een warme, geborgen sfeer. Veel mensen komen terug naar Oldenzaal om hier samen het carnavalsfeest te vieren. Carnaval zorgt voor sociale verbondenheid en saamhorigheid”.

Dat zijn wijze woorden van een Stadsprins die samen met zijn goede vriend geniet van deze bijzondere tijd en er met heel carnaval minnend Oldenzaal een prachtig feest van gaat maken!

Wendy Eerland